Geluksweigeraars

‘We moeten tegenwoordig allemaal maar gelukkig zijn. Er is een soort geluksplicht. Ik moet daar niets van hebben. Ik ben een geluksweigeraar', riep Joep Schrijvers, de auteur van het veel gelezen boek ‘Hoe word ik een rat?' Hij deed dat op een symposium over geluk in organisaties dat op 15 dec in Amsterdam werd gehouden. Schrijvers maakte zich vrolijk over de hausse aan geluksboekjes die in zijn ogen allemaal dezelfde onnozelheden debiteren. Voorzover organisaties zich om het geluk van hun medewerkers bekommeren, doen ze dat alleen om de productie op te schroeven. Weg dus met het geluk, en een open oog voor het tragische van ons bestaan.

Schrijvers was niet de enige die zich tegen het geluk keerde. Ook de Vlaamse filosoof Herbert de Vriese moest niets van het moderne geluksproject hebben. Hij vond het zelfs moreel verwerpelijk om de vraag naar het geluk te stellen. ‘Denken over je eigen geluk, maakt je alleen maar ongelukkiger', zei hij.

Ook de pessimistische filosoof Schopenhauer en de psychiater Sigmund Freud vonden het streven naar geluk een heilloze bezigheid. Houd jezelf niet voor de gek, houden ze ons voor, het leven is een aaneenschakeling van tegenslagen en teleurstellingen, accepteer dat, toom je begeerten in, en vergroot je ellende niet door naar dat onmogelijke geluk te streven.

Laten we de belangrijkste argumenten tegen geluk op een rijtje zetten en onderzoeken wat ze waard zijn.

Geluk is een illusie
Het meest voorkomende argument tegen het geluksstreven is dat geluk niet bestaat. Dat is in tegenspraak met de ervaring. Iedereen heeft wel eens een gelukservaring meegemaakt. Maar buiten dat, de vraag is niet of geluk bestaat, maar of het zinvol is er naar te streven. Waar zit je liever? In de buurt van het geluk dat misschien een illusie is, of dichter bij een waarheid die zegt dat geluk niet bestaat? De zin van het geluksstreven, ligt in het streven. Op weg naar het geluk doe je leukere dingen, dan wanneer je leeft in het voortdurend besef dat de wereld een tranendal is.

Geluk is saai
Dat is de kritiek van de romantici, die groots en meeslepend willen leven. Zij hebben liever een enkele heftige ervaringen dan het duurzame levensgeluk. Sommigen zoeken liever de liefde waarvan ze weten dat ze er bedrogen vandaan zullen komen, als het heb tenminste maar een moment van uitzinnige vreugde geeft. Maar zijn zij tegen geluk? Nee, ze hebben alleen een andere opvatting van geluk dan de meeste mensen.

Geluk is egoistisch
Je moet je niet bezig houden met je eigen geluk, maar je bekommeren om het ongeluk van anderen, zeggen de meer sociaal bewogen mensen. En je bent geneigd om ze gelijk te geven. Alleen, het is niet gezegd dat mensen die zich inzetten voor hun eigen geluk, zich het leed van anderen niet zouden aantrekken. Het tegendeel is het geval. Mensen die tevreden zijn met hun bestaan zijn eerder geneigd anderen te helpen dan mensen die ontevreden zijn.

Het nastreven van geluk maakt ongelukkig
‘Wie zichzelf gelukkig probeert te maken komt op een verroest zijspoor terecht, het nastreven van eigen geluk komt neer op het binnendringen van de hel', schrijft Arnon Grunberg in de Asielzoeker .

De geluksweigeraars uit deze categorie, bestrijden een zeer beperkt gevoel van geluk, namelijk geluk als zelfgenoegzaamheid. Maar mensen die zich serieus met hun eigen geluk bezig houden, zijn de eersten die beseffen dat ze werkelijk gelukkig zijn als ze actief zijn, samenzijn met anderen, aan een gemeenschappelijk project werken, anderen gelukkig maken, of belangrijke ervaringen met anderen kunnen delen.

Om gelukkig te worden moet je naar iets anders streven dan geluk
Volgens sommigen is geluk niet het belangrijkste, maar vrijheid, of rechtvaardigheid. Dat kan zijn, maar het probleem met zo'n opvatting is dat de reden dat vrijheid of rechtvaardigheid als zo belangrijk wordt gezien, toch weer te maken heeft met het idee dat juist dat mensen gelukkig maakt.

Een variant van deze kritiek op geluk is dat je pas gelukkig wordt als je opgaat in een andere activiteit dan het nastreven van je geluk. Dat zijn de zogenaamde flow ervaringen: opgaan in je werk, je verliezen in je hobby, of je helemaal geven voor een sport.

Dit lijkt geen argument tégen het streven naar geluk, maar er juist vóór. Geluk is altijd gelukkig zijn met iets of iemand, of door iets anders. En het lijkt dan juist verstandig bij jezelf na te gaan welk soort ervaringen je die gelukservaring kunnen geven en die ervaringen dan ook op te zoeken.

Als je je teveel bezig houdt met geluk, ontsnapt het je juist .
Deze kritiek richt zich vooral op de spontane geluksmomenten die we kunnen ervaren. De redenering is dan dat je je daar niet op kunt voorbereiden, die overkomen je zomaar. En als je steeds maar bezig bent met je eigen geluk, dan sta je niet open voor de onverwachte geluksmomenten.

Daar zit wat in, spontaan geluk valt niet af te dwingen, dat is duidelijk. Maar niet alle geluk is spontaan geluk. Veel vormen van geluk heb je wel in de hand, zoals dingen doen die je leuk vindt, afstand nemen van negatieve gedachten over jezelf, je leven richten op de dingen die je belangrijk vindt.

Kortom, er is geen ontsnappen aan: iedereen streeft naar geluk. Ook Joep Schrijvers, die zich aan het eind van zijn lezing afvroeg waar je je dan op moet richten als het niet op geluk is. Sta open voor wat er om je heen gebeurt, wees behoedzaam, en leef met volle aandacht... Het had zo in een geluksboekje kunnen staan.

Ken je meer argumenten tegen het geluk? Laat het weten en mail naar: info@gelukstraining.nl

Eerder verschenen columns